woensdag 18 november 2009

Beach, Surf and Ride

" One’s destination is never a place, but a new way of seeing things.” – Henry Miller

Het 2de deel Australie, en tevens het laatste deel van mijn reis. Het begon met het Brisbane festival: bandjes op straat en in barretjes, overal feest. En al ligt Duitsland naar de deur, de eerste keer dat ik het Oktoberfest heb gevierd, was aan de andere kant van de wereld.

Na het ronddwalen door de stad, het bezoeken van North Stradbroke Island, heb ik krokodillen gevoerd zien worden in Australia Zoo en heb ik op de laatste dag Brisbane op het balkon van vrienden die ik in Afrika heb ontmoet, met uitzicht op de stad van een heerlijke Aussie Barbie genoten.
Vervolgens ben ik vier weken langs de kust geweest. Eerst Noosa, wat ten noorden van Brisbane ligt. Prachtige stranden, heerlijk warm, zacht en blauw water, en een surfstrand wat in een National Park ligt. Mooier kan bijna niet.
Toen naar Surfers Paradise, de naam zegt het niet, ten zuiden van Brisbane. minder mooi kan het blijkbaar wel. De kust hier wordt de Gold Coast genoemd: hoge gebouwen, pretparken, casinos, een goede plek om geld uit te geven, te zien en gezien te worden. Niet echt iets voor mij dus.


Wel echt wat voor mij: Byron Bay. Ik heb er niet voor niets 3 weken gezeten. Hele relaxte sfeer, veel strand, er waren niet vaak golven, maar als ze er waren, heerlijk gesurft. Veel mensen zaten daar ook voor langer, erg gezellig, er waren superleuke cafeetjes en markten. Hoewel ik er niet al teveel heb gedaan, had ik toch altijd wel wat te doen. Ideaal.

Van een heerlijke plek naar een saai gehucht dat Tamworth heet. In het binnenland, 15 uur met de bus om er te komen vanuit Byron, wat ga je daar dan in hemelsnaam doen zou je denken?
Nou dit:
Op maandagochtend werd ik, samen met nog 18 anderen, door cowboy Tim opgehaald om naar een boerderij genaamd 'Leconfield' te gaan. In the middle of nowhere, omsingeld door groene heuvels, warm en droog, 1200 ha grond, en hier zouden we 5 dagen blijven om het leven van een boer te leiden.


We kregen allemaal een paard voor deze week, dat we verzorgden en waar we op reden. Elke dag begon vroeg en eindigde laat. Een daartussenin leerden we de schapen en het vee bij elkaar drijven, te paard of te voet, reden we over heuvels en hadden we prachtige uitzichten over het land, deden we spelletjes en wedstrijdjes te paard, leerden we lassoo gooien, scheerden we schapen en slachten we er eentje, worstelden we met kalfjes, castreerden we er een, die ook gelijk gebrandmerkt werd, repareerden we het hekwerk, sliepen we buiten onder de sterren en hoorden we snachts de dingos huilen, deden we spelletjes en waren er raadsels tijdens het kampvuur. Het was echt een geweldige week. Ik had nooit verwacht dat ik zo zou genieten van het boerenleven!

Maar aan alles komt een einde. En zo stapte ik een dag later in de trein richting Sydney. Wow, een grote stad! Wat een verschil!
Een dagje ben ik rond gaan lopen, over Darling Harbour, door de botanische tuinen, richting het Opera gebouw en de langs de Harbour Bridge terug via Chinatown en door Paddy's market. even het gevoel krijgen van de grootste stad van Australie. Maar ik kom hier mijn laatste week nog terug on nog meer te zien en er nog meer van te genieten.