Ook deze reis kon niet gemaakt worden zonder dat Guille even langs kwam hoppen. Al was het maar voor 5 dagen, al was het maar in Darwin, waar bar weinig te doen is, het was weer heel ge-zellig. En het werd nog gezelliger toen papa, mama en Folkert ook naar de andere kant van de wereld waren gevlogen.

Een maand begon vol met camperen met koude nachten, hotels met warme dekens, tennisballen gooien, bbq-en, kilometers rijden, de jaarlijkse Beer Can Regatta in Darwin, zwemmen, shithead, 4WD/camper/auto rijden, eten, nederlands praten, puzzelboekjes, wandelen, rode landschappen, wildlife zoeken maar niet vinden, Aboriginal land, Vegemite en de oneindige Outback.
En dit alles begon in Kakadu NP. Het was het droge seizoen, wat betekent: geen of kleine watervallen en prachtige wandelpaden. Met een 4WD reden we over rode stoffige wegen, langs rivieren vol met krokodillen, en we zwommen in krokodilvrije ijskoude waterholes en we wandelden over paden en klauterden over rotsen.
Toen vlogen we naar Alice Springs, vanaf waar we met een tot stapelbed ombouwbare en met uitklapbare keuken volgestauwde 4WD reden richting Mt. Conner, waarvan we dachten dat het Ayer's Rock was.
De wolken afgewisseld met knalblauwe lucht; de zon die langzaam aan het ondergaan was en de regen die af en toe uit de wolken barstte maakte het platte oneindige en droge landschap nog bijzonderder om doorheen te rijden.
En aan het einde van die weg was die bekende rode rots waarvoor we helemaal naar het midden van Australie zijn gegaan: Ayer's Rock, of, zoals zij door de Aborigines genoemd wordt: Uluru. Met een paar kilometer vederop het zeker niet minder bijzondere rode rots gezelschap Kata-Tjuta, ofwel, The Olga
De wandelingen waren prachtig, net als de zonsop- en ondergangen. 's Avonds was het heel koud.
Kings Canyon was de volgende mooie wandeling. Veel rotsen, afgronden, fossielen van stromalieten, bijenkorfachtige rotsen, de Garden of Eden, prachtige uitzichten en leuke vogelgeluiden. Bijzonder mooi, en bijzonder moeilijk te beschrijven.
Aangezien we niet genoeg kregen van de Outback, de prachtige wandelingen, de e
Toen vlogen we naar Cairns. Alsof we in een heel ander land terecht waren aangekomen reden we langs bananenplantages, heuvels vol groen, langs de zee, naar Airlie Beach, vanaf waar we met een zeilboot gingen varen bij de Whitsunday Islands. Omringd
door heuvelachtige groene eilanden en azuurblauwe zee zeilden we naar de prachtige witte stranden en snorkelden we in ondiep water met veel gekleurd koraal en vissen en zagen we onderweg de dolfijnen, schildpadden en walvissen hun koppen boven water steken. De laatste verraste ons zelfs met een sprong uit het water wat denk ik wel het mooiste is wat ik ooit in de natuur heb gezien.De lange weg terug naar Cairns braken we op met een nacht slapen aan zee waar je wegens krokodillen helaas niet kon zwemmen, en de Atherton Tablelands. We werden er verwelkomt met een enorme regenbui waardoor we de dag erna pas van het uitzicht konden genieten. Groene heuvels zoals ik mij Ierland zou voorstellen, met verstopte watervalletjes langs de weg.
De laatste dagen hebben we in en rondom Port Douglas doorgebracht. Heerlijk aan zee, over marktjes gestruind en in het zwembad gespettert. Een dagje naar Cape Tribulation, daar waar het regenwoud de zee ontmoet. En een dagje naar het wonderschone Great Barrier Reef, daar waar Folkert op zijn verjaardag z'n allereerste duik heeft gemaakt!
Jeetje, wat was het vet. En jeetje wat hebben we veel gezien, gedaan, gelachen en genoten.
En toen vlogen zij weer terug naar Nederland en ging ik weer verder op pad.

En Guille vond t ook fantastisch, 'ookal' was het in Darwin: de koffies smaakten er niet minder om. Ben blij dat je ook hét Bananabread hebt ontdekt, 'ookal' is het bij het McCafe.. Dikke kus en veel plezier in Indo!!
BeantwoordenVerwijderen